Bijdrage van Peter

Frankrijk speelde het grootste deel van zijn eerste wedstrijd op het allereerste WK-voetbal zonder echte doelman. Alex Thépot had bij het tegenhouden van een schot zijn kaak gebroken en omdat wisselspelers in 1930 nog niet bestonden, nam middenvelder Augustin Chantrel zijn plaats onder de lat over. Frankrijk won desondanks met 4-1 van Mexico, een overwinning die naar schatting door slechts 4400 mensen werd gezien.

Ook de organisatie maakte weinig indruk. Toen Brazilië en Bolivia tegenover elkaar kwamen te staan, bleken beide ploegen witte shirts te hebben meegenomen. Bolivia leende daarom blauwe tenues van gastland Uruguay.

De Boliviaanse spelers hadden een bericht aan het eerste gastland op hun tenue gezet; voor dit fotomoment waren ze alleen een U vergeten.

In de finale konden Argentinië en Uruguay het niet eens worden over de wedstrijdbal. Uiteindelijk werd voor rust met de Argentijnse bal gespeeld en na rust met de Uruguayaanse. Van de dertien deelnemende landen kwamen er slechts vier uit Europa, in de eerste plaats omdat de oversteek per stoomschip zestien dagen duurde en spelers daardoor ongeveer twee maanden van huis zouden zijn.

Voor veel voetballers was dat onmogelijk. De meesten hadden naast de sport een gewone baan. De Roemeense ploeg reisde alleen af nadat koning Carol II had verzekerd dat de spelers na thuiskomst hun werk zouden behouden. De Argentijnse aanvoerder Nolo Ferreira moest tijdens het toernooi zelfs terug naar Buenos Aires om een tentamen te maken. Zijn vervanger scoorde tegen Mexico prompt een hattrick.

Achteraf zien we de geleende shirts, de twee wedstrijdballen en de voetballers met kantoorbanen als charmante opstartproblemen van een instituut waarvan we de afloop al kennen. Maar in 1930 had niemand die voorkennis. Niemand wist dat het evenement ooit miljoenen bezoekers zou trekken, miljarden kijkers zou bereiken en zou uitgroeien tot een van de grootste commerciële spektakels ter wereld.

Bron: Instagram

Er was in 1930 zelfs geen prijzengeld. Dat kwam er pas in 1982, meer dan een halve eeuw nadat Uruguay het eerste toernooi won.

Toen ik dit verhaal las – Byron Gilliam van Blockworks schreef er vrijdag over – moest ik aan bitcoin denken. Die wordt soms beoordeeld alsof na zeventien jaar de definitieve balans kan worden opgemaakt. Wordt bitcoin al op grote schaal als betaalmiddel gebruikt? Is het netwerk eenvoudig genoeg voor mensen die geen zin hebben om seed phrases en private keys te begrijpen? Zullen transactiekosten uiteindelijk voldoende zijn om miners te betalen wanneer de block-subsidie grotendeels is verdwenen?

Het eerlijke antwoord luidt in veel gevallen: nog niet.

Maar hoe zwaar weegt dat antwoord? Kijken we niet gewoon naar de geleende shirts en verschillende wedstrijdballen van een monetair netwerk dat nog lang niet uitontwikkeld is?

De overeenkomst met het eerste WK begint bij de subsidie. Uruguay wilde zó graag een internationaal toernooi organiseren dat het aanbood de reis- en verblijfskosten van de deelnemende landen te betalen. Zonder die serieuze tegemoetkoming waren waarschijnlijk nog minder ploegen naar Montevideo gekomen.

Ook bitcoin kende vanaf het eerste block een ingebouwde subsidie. Miners werden wel betaald uit transactiekosten, maar de omzet daaruit was betrekkelijk laag. Ze ontvingen ook nieuwe bitcoins voor het rekenwerk waarmee ze het netwerk beveiligden en het bundelen van transacties in blocks. Die beloning trok deelnemers aan op een moment waarop er nog geen volwassen markt bestond die hun werkzaamheden zelfstandig kon financieren.

De opzet is in beide gevallen hetzelfde: je bekostigt de infrastructuur in de hoop dat het later op eigen benen kan staan.

Bij het WK weten we inmiddels hoe dat is afgelopen. De reisvergoeding maakte plaats voor uitzendrechten, kaartverkoop, sponsoring en prijzengeld. Bij bitcoin staat de uitkomst nog niet vast. De blocksubsidie wordt iedere vier jaar kleiner en uiteindelijk moet een groter deel van de beveiliging uit andere bronnen worden betaald. Hoe dat eruit komt te zien, is een van de wezenlijke vragen over de toekomst van het netwerk.

Ook de overgang van amateurs naar professionals is herkenbaar. In de eerste jaren werd bitcoin gemined op gewone computers door mensen die het vooral interessant vonden dat digitaal geld zonder centrale uitgever kon bestaan. Ontwikkelaars werkten er in hun vrije tijd aan, de eerste exchanges waren primitief en bitcoin werd gratis weggegeven om mensen ertoe te bewegen de software eens te proberen.

Charlie Shrem samen met Yifu Guo, de uitvinder van ASIC-miners. Foto: Charlie Shrem.

Inmiddels bestaat er een professionele industrie van miners, handelsplatforms, bewaarders, vermogensbeheerders, accountants, juristen en beursgenoteerde ondernemingen, en een hele schare mensen die er hun volledige beroep van hebben gemaakt.

Natuurlijk bewijst de geschiedenis van het WK niet dat ieder experiment uiteindelijk de massa bereikt. De wereld zit vol projecten die klein begonnen en klein bleven. Tijd alleen verandert een slecht idee niet in een goed plan.

De finale van 1930 trok ondanks alle beperkingen 93.000 toeschouwers. Uruguay won met 4-2, waarna Montevideo veranderde in één groot straatfeest en de volgende dag tot nationale feestdag werd uitgeroepen. Er was nog geen prijzengeld, maar het belang van het WK was al zichtbaar.

Misschien is dat ook bij bitcoin de interessantere maatstaf. Niet alleen hoeveel mensen het vandaag dagelijks gebruiken, maar hoeveel mensen, bedrijven en overheden zich inmiddels gedragen alsof het niet meer zal verdwijnen. Dat is een basis waarop massa-adoptie kan ontstaan; ook als het meer dan 50 jaar duurt.

Méér Alpha

Ben je Plus-lid? Dan gaan we door met de volgende onderwerpen:

  1. Projectleider Base App erkent mislukking van social crypto
  2. Amerikaanse vermogensbeheerder lanceert actief beheerde multi-token ETF
  3. Dit is Amerika wérkelijk van plan met crypto

Daaronder volgen de nieuwssnacks, een handig overzicht van het nieuws dat er afgelopen week echt toe deed.