Allereerst: de beste wensen van het hele Bitcoin Alpha-team. We gaan er weer een leerzaam én waardevol jaar van maken met elkaar. Dwars door alle tumult heen, want de toon is alweer gezet. Het heeft er alle schijn van dat we op een bewogen jaar afstevenen.
De bitcoinwereld heeft de eerste symbolische dag alweer achter de rug. We hebben het natuurlijk over 3 januari 2026. De dag waarop bitcoin zeventien werd. Jong genoeg om nog steeds vragen en twijfels op te roepen, en tegelijk oud genoeg om geschiedenis te hebben. Want wie in het allereerste bitcoinblock kijkt, ziet nog altijd die ene zin erin gegraveerd staan: “The Times 03/Jan/2009 Chancellor on brink of second bailout for banks.”
Happy birthday Bitcoin.
— Brian Armstrong (@brian_armstrong) January 3, 2026
17 years since the genesis block. pic.twitter.com/9upbZPCm3f
Die krantenkop circuleerde in een periode waarin het financiële systeem op zijn zachtst gezegd onder druk stond. Banken gingen failliet, financiële markten trokken aan de noodrem en overheden grepen in. In Nederland kwamen Fortis en ABN AMRO in handen van de staat. Het waren noodmaatregelen, genomen om een systeemcrisis te bezweren, een vorm van bestuurlijke schadebeperking.
Satoshi Nakamoto publiceerde de whitepaper in oktober 2008, kort na het omvallen van Lehman Brothers, in een fase waarin de scheuren in het financiële systeem voor het grote publiek zichtbaar werden. We weten niet zeker of bitcoin van het begin af aan bedoeld was als directe reactie op die gebeurtenissen. Maar we weten wél dat bitcoin het licht zag op een moment waarop vertrouwen niet meer vanzelfsprekendheid was. De verwijzing in het zogeheten genesis block fungeerde niet als pamflet, maar als vereeuwiging van deze context.

In de jaren daarna groeide bitcoin uit tot een alternatief. Niet alleen technologisch, maar ook mentaal. Een systeem zonder monetaire achtervang en zonder centrale partij die naar believen kan ingrijpen. Dat idee gaf bitcoin zijn aantrekkingskracht, maar legde ook iets anders bloot: de verantwoordelijkheid die met die vrijheid gepaard gaat.
Zeventien jaar later is het beeld daarvan minder romantisch geworden, maar wel interessanter. Banken zijn niet verdwenen. Integendeel. Ze zijn diep betrokken geraakt bij het bitcoin-ecosysteem: als custodians, als aanbieders van ETF’s, als leveranciers van infrastructuur. Een groot deel van de bitcoinbezitters kiest liever voor bank your bitcoin dan voor be your own bank. Bitcoin bleek door de jaren heen te fungeren als spiegel voor een breed scala aan thema’s, van ideologieën en systeemrisico’s tot de persoonlijke trek in risico’s en verantwoordelijkheden.
Een gedeelte van de weerkaatsing heeft betrekking op de reddingsoperaties van 2008 en 2009. Die bestonden uit politieke besluiten: garanties, kapitaalinjecties en nationalisaties. In de jaren daarna volgde een monetaire fase waarin centrale banken hun balansen verruimden, onder meer om de kosten van het crisisbeheer te dempen. Door de rente laag te houden, werd schuld draaglijk gemaakt. Dat proces was stabiliserend, maar ging gepaard met financiële repressie: spaarders leverden koopkracht in en reële rentes bleven langdurig negatief. Anders gezegd, de prijs van de grote risico’s die banken namen, is voor een groot deel door het publiek betaald.

In dit spanningsveld vond bitcoin zijn rol. Niet als directe oplossing, maar als latente uitwijkplaats. Een systeem dat zich niet laat aanpassen om politieke of monetaire doelen te dienen.
In het fiatstelsel is liquiditeit een rekbaar begrip. Wanneer een systeeminstelling in de problemen komt, schiet een centrale bank te hulp met extra liquide middelen. In de bitcoinwereld bestaat die mogelijkheid niet. Bitcoin is schaars en inelastisch. Verliezen kunnen niet technisch gerepareerd worden. Ze kunnen hooguit worden gecompenseerd, bijvoorbeeld in de vorm van euro’s of dollars, maar de onderliggende schade blijft zichtbaar.
Dat betekent niet dat het oude financiële toverwerk verdwenen is. Buiten de kern van het netwerk bestaan markten waar met hefbomen, herverpanding en complexe structuren kan worden gewerkt. Derivaten en yield-producten kunnen in economische zin het karakter van fractional banking nabootsen. Het verschil is dat deze activiteiten uitgevoerd worden op een basis die niet meebeweegt. Bitcoin laat minder ruimte over voor langdurige illusies dat alles in orde is.
Je zou kunnen zeggen dat bitcoin een vorm van discipline oplegt. Die dynamiek is niet nieuw. In de negentiende eeuw functioneerden banken onder de goudstandaard op vergelijkbare wijze. Ze financierden handel en groei, maar waren gebonden aan een fysieke voorraad. Banken die te veel claims uitgaven, kregen te maken met bankruns. Het verschil met toen is de verifieerbaarheid. Toen waren burgers volledig afhankelijk van geruchten bij de bankhal, nu onthult de blockchain altijd een gedeelte van de waarheid. En, misschien belangrijker, wie claimt bitcoin te bewaren, kan dat relatief eenvoudig laten zien.

Overheden, banken en andere systeemspelers voelen zich anno 2026 heus niet gedwongen tot discipline door het bestaan van bitcoin. Die werking is niet onmiddellijk, noch automatisch. Maar dat het systeem uiteindelijk discipline afdwingt, is een gegeven. Zo kan bitcoin functioneren binnen het bestaande financiële systeem én daarbuiten. Het biedt een alternatief zonder zich op te dringen.
De kracht van bitcoin ligt niet in het vervangen van banken, maar in het begrenzen van vanzelfsprekendheden. Banken blijven diensten leveren en risico’s nemen, maar doen dat in een wereld waarin een monetair systeem bestaat dat niet kan worden verruimd, én voor iedereen, wereldwijd, maar één muisklik verwijderd is van deelname.
De krantenkop uit het genesisblok is daarom nog altijd relevant. Niet omdat banken opnieuw gered moeten worden, maar omdat er nu een referentiepunt bestaat voor het moment dat die vraag zich weer aandient.
Méér Alpha
Ben je Plus-lid? Dan gaan we door met de volgende onderwerpen:
- Grootschalige fraude met bitcoin ATM’s
- Trumps ongemakkelijke relatie met crypto
- Altcoins: slecht jaar, maar niet dood

